8e kwartaalverslag
47.343
FAILLISSEMENTSVERSLAG nummer 8 Datum: 7 november 2011
Gegevens onderneming :
De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid ‘P.V.O.-NOWEE BV’,
handelend onder de namen ‘Prins van Oranje Jachtservice’ en ‘Nowee
Shipyard Heeg’, ingeschreven Kamer van Koophandel Noord Nederland onder
nummer 01102611, gevestigd te 8621 DV Heeg, It Butlan 4
Faillissementsnummer : F09/245
Datum uitspraak : 3 november 2009
Curator : mr. J.H. van der Meulen
R-C : mr. J. Smit
Activiteiten onderneming : nieuwbouw, reparatie en onderhoud van schepen, met name motorjachten voor de pleziervaart
Omzetgegevens : 2007: € 2.028.443,–
2008: € 1.862.485,–
Personeel gemiddeld aantal : 37
Verslagperiode : 3 augustus 2011 tot en met 2 november 2011
Bestede uren in verslagperiode : 1 uur en 18 minuten
Bestede uren totaal : 113 uur en 57 minuten
De tijdsbesteding wordt bijgehouden in een geautomatiseerd tijdschrijfsysteem. Een
uitdraai van de tijdsbesteding, gespecificeerd naar activiteit en medewerker, over de
verslagperiode wordt aangehecht (productie 1). Voorts wordt aangehecht een overzicht
van de tijdsbesteding naar tijdschrijfgroepen (productie 2). Op dit overzicht staat
eveneens het totaal van de bestede tijd weergegeven.
1. Inventarisatie
Afgewikkeld.
2. Personeel
Afgewikkeld.
3. Activa
Onroerende zaken
Afgewikkeld.
Bedrijfsmiddelen
3.5 Beschrijving :
Verwezen wordt naar paragraaf 3.5 van verslag nummer 7 (vorig verslag).
Er zijn 5 schepen van belang, alle eigendom van de failliete boedel:
A. motorkruiser Succes 1050;
B. zeilschip Scanmar 40;
C. klassiek houten motorschip Petter Gunnan;
D. Finnmaster 500 (polyester open boot);
E. Rembrandt 530 (polyester sloep, deels open).
Tijdens de verslagperiode is met betrekking tot bedoelde boedelbestanddelen het volgende ondernomen.
Ad A: motorkruiser Succes 1050
Verkocht; positie pandhouder (Rabobank), alsmede de positie jegens de bemiddelaar is afgewikkeld. Er is een boedelbijdrage gerealiseerd ad € 2.940,–.
Ad B: Zeilschip Scanmar 40
Dit schip is tijdens de verslagperiode executoriaal verkocht door Troostwijk. Het zou een opbrengst gegenereerd hebben ad € 35.000,–. Eén en ander is buiten de boedel om geschied.
De boedel heeft nog een aanspraak jegens de bank tot betaling van een bedrag groot € 600,– inclusief BTW wegens verrichte expertise. Deze vordering moet nog met de bank worden afgewikkeld.
De curator in het faillissement Rapsody Shipyard maakt aanspraak op vergoeding stallingskosten. Het materieel belang hierover ligt bij de pandhouder (Rabobank). Deze discussie vindt verder plaats tussen de curator Rapsody Shipyard en de bank.
Ad C: Petter Gunnan
Ook dit schip is executoriaal verkocht tijdens de boedelperiode. Eén en ander speelt zich af buiten de boedel om.
Ad D: Rembrandt 530 sloep
Op dit punt zijn ook in de huidige verslagperiode nog geen ontwikkelingen geboekt. De curator heeft contact met de Rabobank omtrent verdere acties met betrekking tot dit schip. Zoals bekend, is het schip voorafgaand aan faillissement aan een derde uit handen gegeven; genoemde derde weigert thans afgifte.
Ad E: Finnmaster 500
Deze boot is nog niet verkocht. Deze boot is van geringe waarde. De kosten van verkoopinspanningen rijzen boven de verkoopwaarde uit.
.
3.6 Verkoopopbrengst : Succes kruiser 1050: € 52.500,–.
3.7 Boedelbijdrage : € 2.940,–
3.8 Bodemvoorrecht fiscus : niet van toepassing
Werkzaamheden :
Voorraden/onderhanden werk
3.9 Beschrijving :
De Rabobank heeft nog altijd geen reactie gegeven op de aanspraak van de boedel wegens de onderhanden werkpositie. Dit is waarschijnlijk te wijten aan het feit, dat de volledige onderhanden werkpositie is opgegaan in het, ook door de Rabobank gefinancierd bedrijf Rapsody Shipyard, welk bedrijf enige maanden na faillissement van PVO Nowee BV ook in staat van faillissement is verklaard. De bank heeft dus van de executie van de onderhanden werkpositie op het eerste gezicht geen voordeel genoten.
3.10 Verkoopopbrengst : niet van toepassing
3.11 Boedelbijdrage : niet van toepassing
Werkzaamheden :
Andere Activa
3.12 Beschrijving : niet van toepassing
3.13 Verkoopopbrengst : niet van toepassing
Werkzaamheden :
4. Debiteuren
Afgewikkeld.
5. Bank/Zekerheden
5.1 Vordering van bank(en) : € 3.670.515,45 (tezamen met andere groepsvennootschappen en voor uitwinning van zekerheden).
5.2 Leasecontracten : niet van toepassing
5.3 Beschrijving zekerheden : zie verslag nr. 1, paragraaf 5.3
5.4 Separatistenpositie : zie hiervoor
5.5 Boedelbijdragen : niet van toepassing
5.6 Eigendomsvoorbehoud : zie beginverslag, paragraaf 5.6
5.7 Reclamerechten : niet van toepassing
5.8 Retentierechten : niet van toepassing
Werkzaamheden :
6. Doorstart/voortzetten
Voortzetten
6.1 Exploitatie/zekerheden : Zie paragraaf 6.1, verslag nummer 5.
6.2 Financiële verslaglegging : zie paragraaf 6.1 van verslag nr. 2
Werkzaamheden :
Doorstart
6.3 Beschrijving : niet van toepassing
6.4 Verantwoording : niet van toepassing
6.5 Opbrengst : niet van toepassing
6.6 Boedelbijdrage : niet van toepassing
Werkzaamheden :
7. Rechtmatigheid
7.1 Boekhoudplicht :
Zie paragraaf 7.1 verslagnummer 6. De curator heeft de bevindingen, weergegeven in paragraaf 7.1 van het vorig verslag, aan de Rabobank voorgelegd. Hierop is nog geen reactie gekomen. Een beslissing over de vraag of wel of niet sprake was van een ongeoorloofde vermogensonttrekking moet nog volgen.
7.2 Depot jaarrekeningen : ja
7.3 Goedk. Verkl. Accountant : het gaat om een samenstellingsverklaring.
7.4 Stortingsverpl. aandelen : aan voldaan
7.5 Onbehoorlijk bestuur : tot heden niet gebleken
7.6 Paulianeus handelen : in onderzoek.
Werkzaamheden :
8. Crediteuren
8.1 Boedelvorderingen : UWV Amsterdam € 232.460,01 (het UWV heeft haar vordering herzien en opnieuw ingediend)
(productie 3)
8.2 Pref. vord. van de fiscus : € 632.106,– (de fiscus heeft een nieuwe vordering ad € 155.922,– ingediend ten opzichte van het vorige verslag) (productie 4)
8.3 Pref. vord. van het UWV : € 129.343,82 (het UWV heeft haar vordering herzien en opnieuw ingediend)
8.4 Andere pref. crediteuren : tot heden: geen
8.5 Aantal concurrente crediteuren : 139 crediteuren
8.6 Bedrag concurrente crediteuren : € 619.905,73 (het UWV heeft een vordering van € 119.124,71 ingediend en de Friesland Bank een
vordering van € 8.348,01) (productie 5).
8.7 Verwachte wijze van afwikkeling : nog niet bekend
Werkzaamheden :
9. Overig
afwikkeling van de positie jegens de bank:
- met betrekking tot achtergestelde lening (zie paragraaf 7.1 vorig verslag);
- met betrekking tot positie onderhanden werk (zie beginverslag en zie paragraaf 3.9 hiervoor)
- de positie van de schepen Petter Gunnan en Scanmar 40 zijn niet meer relevant.
Vervolgens: opheffing ex artikel 16 Fw.
9.1 Termijn afwikkeling faill. : de curator streeft ernaar het faillissement het komend halfjaar zover af te wikkelen, dat daarna tot opheffing kan worden overgegaan.
9.2 Plan van aanpak :
9.3 Indiening volgend verslag : 3 februari 2011
Werkzaamheden :
mr. J.H. van der Meulen,
curator.














